Jaspers-Eyers – UAU Collectiv – Architectenbureau Michel Janssen

Jaspers-Eyers – UAU Collectiv – Architectenbureau Michel Janssen

De stad boven het hoofd

 

Met de naamgeving ’t Scheep heeft de Hasselnaar het nieuwe stadhuis met zijn bijzondere vorm een publieke plek gegeven. De architecten maakten het nieuwe gebouw onlosmakelijk verbonden met het stadscentrum, en met de gerestaureerde rijkswachtkazerne. Met dank aan het reflecterend oppervlak dat boven het monument uitsteekt en op elk moment van de dag een andere blik werpt op Hasselt. Het nieuwe Hasseltse stadhuis wil een ‘huis van de burger’ zijn. Een toegankelijke verzamelplaats waar de Hasselnaar met al zijn vragen terecht kan. Dat het gebouw in het hart van de stad verankerd werd, is dan ook een logische keuze. De drie delen – oude rijkswachtkazerne, Limburgplein en nieuwbouw – zijn verbonden met elkaar, met de Groene Boulevard die Hasselt omringt en met het achterliggend stadsweefsel. ’t Scheep is een huzarenstukje van de hand van Frederik Vaes (UAU Collectiv), Jaspers-Eyers en Michel Janssen. Een sterke samenwerking om specifieke uitdagingen aan te gaan. “Ook hier is het gebrek aan open ruimte een actueel thema”, weet architect Frederik Vaes. “Het volledige gelijkvloers is toegankelijk, als statement. Het publiek niveau rijkt tot kroonlijsthoogte. Er is een stuk van de straat heringericht en er worden volwassen bomen aangeplant. Het stadhuis is een aantrekkelijke plek, waar iedere inwoner zich welkom voelt.”

 

Als een luchtschip van glas

De organische inplanting van 18.000 m² bebouwing. Niet evident. En toch valt de site van ’t Scheep als een puzzel binnen de bestaande bebouwing van Hasselt. De schuine wand van het nieuwe gebouw helt over het plein en de kazerne. De sokkel meet zijn kleur en hoogte af op de omliggende gebouwen. De bovenliggende verdiepingen weerspiegelen de lucht en de omgeving, steeds weer een beetje anders. Het reflecterend volume hangt als een glazen schip boven de stad. Al is de opmerkelijke vorm eerder toeval dan opzet. “De vorm is gestoeld op de flexibiliteit van het gebouw en de verbondenheid met de omgeving. De naam ’t Scheep is trouwens door de bewoners gegeven aan het gebouw. Toen het glas er nog niet tegen stond, deden de betonnen balken denken aan een cruiseschip”, weet Vaes, die met de glazen wand een boeiend schouwspel creëerde. “Als passant vraag je je altijd een beetje af of je de reflectie of het echte beeld ziet. De gevel is bekleed met bronzen vinnen. Voor een warme toets, maar ook omwille van het cinematografische effect. Je knipt het beeld daarboven eigenlijk in stukken. Afhankelijk van je positie is het sterk verknipt of slechts gedeeltelijk, wat zorgt voor een beweging. Het is telkens anders.”

 

Maximale openheid

Het nieuwbouwvolume bestaat uit drie zones: drie (semi-)ondergrondse verdiepingen, een publieke zone van drie verdiepingen en een bovenliggend volume met vijf verdiepingen. Ondergronds zijn de parking, fietsenstalling en de technische ruimtes ondergebracht. In de publieke sokkel komen de balies van de stadsdiensten en het OCMW samen. “Het uitgangspunt van die multifunctionele ontvangstruimte is maximale openheid, waarbij beleving centraal staat”, licht Michel Janssen verder toe. “Een niveau hoger vinden de bezoekers de diensten jeugd, sport en cultuur. Nog eens daarboven sluiten de burgemeester, de algemene directeur en de schepenen het publieke niveau af.” Bovenop die sokkel verbindt een glazen tussenvolume het publieke niveau met de bovenliggende kantoren. Je vindt er een cafetaria, vergaderruimte en een intensief groendak van 3.000 vierkante meter. “Die daktuin staat symbool voor de ziel van het volledige project. De architectuur van ’t Scheep vervaagt de grens tussen politiek en ambtenarij, maar ook de drempel tussen de burger en de diensten. Het nieuwe stadhuis, de gerenoveerde kazerne en het tussenliggende plein nodigen uit tot ontmoeting en interactie. Om dat verder te onderstrepen wordt er op het gelijkvloers van de rijkswachtkazerne horeca voorzien en is het gebouw via een brug op de tweede verdieping verbonden met het nieuwe pand.

 

Het nieuwe werken

De medewerkers van de stad en het OCMW komen samen in het nieuwe stadhuis. In clustersystemen werken ze nu vanuit één centraal gebouw en in een flexibele setting. “Dat ‘nieuwe werken’ wordt meer en meer de standaard, maar is ook niet heiligmakend. We anticiperen al op de volgende fase en hebben een integratie van de toekomstige visies op werken mogelijk gemaakt”, lichten de architecten toe. “Zo zijn de kasten voorzien in de kernen en niet langer per werkeiland. Werken gebeurt digitaal. Het overleg tussen de diensten krijgt een centrale rol.” Op de werkvloer is een hoge flexibiliteit een van de speerpunten. De indeling van de burelen is eenvoudig aanpasbaar en kan zelfs volledig omgegooid worden. John Eyers en Jean-Michel Jaspers: “Door met kernen te werken en de overige ruimte in te vullen met een grote openheid en multifunctionaliteit, zijn zelfs andere invullingen mogelijk in de toekomst. Residentieel gebruik bijvoorbeeld. Het interieur kan eenvoudig ontsloten worden voor een nieuwe indeling.”

 

Duurzame materialen

Bij het ontwerp van ’t Scheep is resoluut gekozen voor duurzame materialen. De nieuwbouw is bijna energieneutraal. Opmerkelijk voor een glazen volume. Zonnepanelen op het dak en de geothermische installatie zorgen voor hernieuwbare energie. Het BREEAM Excellent-certificaat is het resultaat van doordachte keuzes en de nodige ervaring. Zo zijn in de onderbouw smallere ramen voorzien, terwijl het personeel in de bovenbouw een panoramisch uitzicht heeft. “Zij zitten vaak aan hun bureau. Ze kijken in breedbeeld uit over de stad.” De groene daktuin is nog in volle aangroei. Over enkele jaren genieten de medewerkers er van een groene rustplek in het hart van de stad.

 

Neutrale tinten en menselijke kleuraccenten

Voor de binneninrichting koos UAU Collective voor neutrale kleuren, warme materialen en een flexibele indeling. Architect Steven Hendrickx: “We gebruikten veel vilt en hout. Omwille van de warmte, maar ook voor de akoestische eigenschappen. Dat is een grote troef voor de privacy van de bezoekers. In de ruime inkom knoop je perfect in alle rust een gesprek aan terwijl de loketten open zijn. En omgekeerd.” Zachte tinten voeren de boventoon. Aardse kleuren, die rust uitstralen. Het zijn de aanwezige mensen die kleuraccenten brengen in het stadhuis. De kantoren zijn opgebouwd met klimaatplafonds en systeemwanden, waarvan de technieken zichtbaar blijven. Het beton van de plafonds is ter plaatse gestort. Frederik Vaes: “Die zichtbare bruutheid contrasteert mooi met de huiselijke gordijnen, de eiken trap en de kernen in schrijnwerk. Op verschillende niveaus spelen we met die contrasten: industrieel en huiselijk, oud en nieuw, sober en kleurrijk, erfgoed en moderne architectuur. Die dynamiek houdt het gebouw boeiend.”

 

Katalysator voor vernieuwing

’t Scheep zorgt niet alleen voor een onlosmakelijke verbinding met de stad, het is ook een katalysator voor vernieuwing en initiatieven in de stad. Zoals de uitbreiding van Hassotel en de ideeën rond wonen boven winkels aanpalend aan het nieuwe stadhuis. Verschillende stadsdiensten slaan er bovendien de handen in elkaar. Zowel intern als extern. En er is geen refter in het stadhuis. Medewerkers trekken samen de stad in om te lunchen. “Het was een moeilijke spreidstand tussen traditie en vernieuwing. Allemaal om het sociale gebeuren te stimuleren en om zuurstof te geven aan de binnenstad”, verduidelijkt Frederik Vaes “De samenwerking met Steven Hendrickx en Michel Janssen is cruciaal en determinerend geweest. Het samenwerkingstraject tussen aannemers Democo/Willemen en de stad is op basis van veel wederzijds respect  gebeurd. Dat maakt dat die laatste 5% ook belangrijk is gebleven, en dat kan je merken in het resultaat!”

Voor de architecturale partners is het resultaat alvast geslaagd. “We wilden een meerwaarde bieden voor de stad, zijn medewerkers en de inwoners. Waren er tijdens de bouw nog heel wat bezorgde en kritische reacties: nu horen we overwegend positieve medewerkers en bezoekers. Hier hebben we zeker ons doel bereikt: een intieme plek creëren waar de stad 360° aanwezig is en die de interactie tussen stad en inwoner stimuleert.”

Tekst: Stephanie Demasure
Foto’s: Philippe van Gelooven

 

Jaspers-Eyers (hoofdarchitect)
Hoogstraat 139
1000 Brussel
t. 02 514 04 96
www.jaspers-eyers.be

 

UAU Collectiv
Kunstlaan 18b33500 Hasselt
t. 011 74 93 29
www.uaucollectiv.com

 

Architectenbureau Michel Janssen
18de Oogstwal 1, bus 53700 Tongeren
t. 012 23 37 08
www.micheljanssen.be