Martens Van Caimere Architecten

Martens Van Caimere Architecten

Duurzaam ingewerkt in de schoot van Moeder Natuur

 

Het prachtig stukje natuur Pays de Collines is er om te koesteren. Naast de schitterende landschappen vind je er ook mooie woningen terug die in hun ontwerp dankbaar gebruik maken van de omgeving. Dit project van Martens Van Caimere Architecten is daar een mooi voorbeeld van. Vanop de top van de heuvel lijkt de woning er zelfs volledig in op te gaan.

De eigenaars waren specifiek op zoek naar een perceel in Pays de Collines waar ze graag wandelen. Na een druk leven in de stad, zochten ze de rust en de natuur op. Ze lieten hun oog vallen op een vervallen hoeve die zich op een heuvelflank bevond. Voor de realisatie van hun project kozen ze Martens Van Caimere Architecten omwille van hun streven naar integrale duurzaamheid, hedendaagse architectuur en op basis van een eerdere realisatie bij een familielid. Nikolaas Martens: “Onze expertise ligt in het duurzame aspect, niet alleen van gebouwen maar ook van gebouwconcepten en materialen. Het is leuk dat mensen daarom voor ons kiezen, dat levert altijd inspirerende samenwerkingen op. In dit geval hadden de opdrachtgevers reeds de nodige bouw- en levenservaring. Ze delen een passie voor unieke meubelen die ze gretig verzamelen. Die moesten ook een plaats kunnen krijgen in de woning die ze graag over één bouwlaag zagen in functie van levenslang wonen. Net zoals ze een eenvoudige ingreep genegen waren. Verder kregen we eigenlijk carte blanche.”

Martens Van Caimere Architecten wou de bestaande L-vormige footprint van de hoevebehouden om geen nieuwe grond aan te snijden. De woning neemt dus exact dezelfde inplanting van de hoeve over en omarmt het erf in hoekvorm. Iets er eenvoudig laten uitzien, is het in se meestal niet. In dit geval kan je het vergelijken met hoe een meubel is gemaakt. “We hebben zowel ingezoomd op het pragmatische als op de totaliteit en hebben het gebouw ontworpen vanuit het landschap. Dan is de aanwezigheid van de heuvel uiteraard dankbaar. Om de L-vorm te integreren, hebben we dan ook gespeeld met het gegeven van die talud. Concreet betekent het dat we het achterste van het gebouw lichtjes naar beneden en in de flank hebben geduwd terwijl die er aan de andere kant los van komt waardoor je daar 3 meter boven het straatniveau zit en een schitterend zicht geniet.”

Als een gevolg van die oefening, was het logisch om de private kamers in de achterste vleugel van de woning te situeren, in de geborgenheid van de heuvelflank terwijl de leefruimtes zich in de overige vleugel maximaal op het omliggende landschap richten. In die vleugels krijg je een aaneenschakeling van kamers: technische ruimte, garage en bergingen bevinden zich in de staart van de woning, gevolgd door de geborgen ruimtes in de heuvelflank zoals TV-kamer, slaapkamer, dressing en badkamer. De omschakeling naar het dagprogramma gebeurt in de hoek met een tuingerichte leeskamer. Eetkamer, keuken en woonkamer tenslotte eindigen in een zwevend terras. De circulatie binnenin volgt in feite de vorm van de woning en zo krijg je een dubbele L. Die binnenin deelt het interieur als het ware in twee, waardoor je een breed gangpad langs de glazen gevel creëert met zicht op het ‘erf’. In die middelste kolommen zijn alle technieken ondergebracht zoals de badkamers en toiletten, evenals een inkomhal en de keuken in één van de uitsparingen waardoor die zowel deel uitmaakt van de gang als van de eetkamer. Geen klassieke keuken dus, maar wel met alle elementen ervan zoals een eiland dat hier tussen de gang en de eetkamer staat.

Het uitzicht bepaalt uiteraard veel, zo niet alles in dit project. Vandaar de keuze om met heel veel glas te werken. Zo krijg je onder meer een circulatie die volledig beglaasd is. Naast glas is er structureel gewerkt met beton, vanwege het brute en het leesbare, twee belangrijke eisen van de opdrachtgevers. Zo rust het gebouw, dat volledig ter plaatse werd gestort in beton, in het landschap door middel van een paalfundering. Het beton werd bovendien ook zonder compromissen in het interieur getoond. De opdrachtgevers houden immers van een modernistische architectuur. Binnen wordt het beton gecombineerd met een gietvloer die in de badkamer ook in de wanden wordt doorgetrokken en alle technieken zijn door de bouwheer in opbouw geplaatst met zichtbare kabelgoten in glasvezel. Die eenvoud van materiaalkeuze zorgt voor een canvas ten dienste van de natuur en voor hun bijzondere meubelen die het kleuraccent bepalen.

Buiten werd de betonwoning overtrokken met een huid van rode baksteen om binnen de voorschriften te vallen van wat de provincie met Pays de Collines en dan vooral met haar woningen beoogt. Eén van die voorschriften, een zadeldak als daktypologie, konden ze wel voldoende argumenteren om daar een uitzondering op te krijgen. De woningen bovenaan de heuvel zouden immers een deel van hun zicht moeten opgeven en mits een vegetatief dak gaat het nu volledig op in de omgeving.

Om grote volumes te doorbreken werd gewerkt met houten vliesgevels waardoor de grenzen tussen binnen en buiten vervagen binnen een vast stramien. De overkragende dakvlakken zorgen voor een krachtige beëindiging van de woning, beschermen tegen felle weersomstandigheden en werken als zonnewering. De overkragingen, onderaan afgewerkt met steenstrips om de eenvoud in materialen door te trekken, worden gedragen door opstaande balken in de robuuste dakrand. De fijne sokkel van het gebouw kreeg dankzij het gebruik van Cortenstaal een kleuraccent dat mooi verweert en perfect bij het natuurlijke landschap aansluit. Het gebouwconcept zet hard in op duurzame technieken: op het plat dak liggen zonnepanelen en er is gewerkt met geothermische diepteboringen gekoppeld aan een warmtepomp. De ventilatie gebeurt door middel van een grondbuis waarbij de koude lucht wordt voorverwarmd dankzij de constante temperatuur van de aarde. Op die manier kan je ervoor zorgen dat die lucht koeler binnenkomt in de zomer en warmer in de winter.

Met het schitterende landschap als ‘tuin’ hebben ze ook daar minimaal ingegrepen. Onder de woning hebben ze de talud wat aangevuld en de zijkanten laten begroeien. De aangelegde wijngaard past in de omgeving en de wijnranken vinden er een geschikte bodem terug. De koeien passeren er voor hun neus. Een grotere tegenstelling na de drukte van de stad kan je moeilijker vinden. Nikolaas Martens: “Het is echt een woning op maat van deze klant die in alle opzichten eenvoud nastreefde. Om die eenvoud te bereiken, hebben ook wij een zekere strengheid in ons ontwerp gelegd. Maar niet door alles overboord te gooien. Ondanks de strenge architectuur, is het een heel levendig project waarbij de ziel van binnenuit komt. Het speelt bovendien met zijn omgeving in twee richtingen: van binnen naar buiten en omgekeerd. En dat we de geest van het oorspronkelijke erf bewaard hebben, vinden we een fijne gedachte.”

Tekst: Sam Paret
Foto’s: Nick Cannaerts

 

Martens Van Caimere Architecten
Koning Leopold II laan 44a – 9000 Gent
t. 09 330 04 07
info@mvc-architecten.be – www.mvc-architecten.be